Van de bommen in Aleppo naar de stilte van Hengevelde: het bijzondere verhaal van Mohammed

„Ik keek in Hengevelde naar buiten en dacht: waar zijn alle mensen?”

Van een miljoenenstad in oorlog naar de Eeftinkstraat in Hengevelde. Van een eigen textielfabriek van zijn vader naar bittere armoede in Turkije. Van bombardementen en sluipschutters naar vakken vullen bij de Spar. Het levensverhaal van Mohammed kent bijna onvoorstelbare tegenstellingen. In Hengevelde kreeg hij kansen die zijn leven veranderden. Mensen als Diny en Wim Vaarhorst en Stefan en Carla Hemel sloten hem in hun hart. “Wat ik ook nog graag wil benoemen, is dat ik in die tijd vooral veel optrok met Jeffrey Tuinte en Niels Derkink. Met hen had ik een goede band en ik kwam ook regelmatig bij hen thuis. Dat zijn contacten en momenten waar ik met veel plezier op terugkijk”.

‘Bij oversteekplaatsen schoten sluipschutters willekeurig op burgers’

Toch ontdekte Mohammed ook hoe moeilijk het kan zijn om als buitenstaander werkelijk onderdeel te worden van een hechte dorpsgemeenschap.

Dit is zijn verhaal.

Het verhaal begint in Aleppo, Syrië. Mohammed groeit er op in een gezin dat het goed heeft. Zijn vader bezit een textielfabriek en niemand kan op dat moment vermoeden hoe radicaal hun leven zal veranderen. Dan breekt de oorlog uit.
Wat aanvankelijk nog op afstand lijkt te gebeuren, komt steeds dichterbij. Het geweld bereikt uiteindelijk ook het gezin van Mohammed.

‘Op een gegeven moment kwamen militairen ons huis binnen. Voor Mohammed en zijn familie veranderde het leven in Aleppo in een nachtmerrie. Hun textielfabriek en veilige bestaan maakten plaats voor angst, geweld en dood. Militairen drongen hun huis binnen, mishandelden zijn vader en eisten dat zijn zussen zouden achterblijven. Op straat loerde overal gevaar. Bij oversteekplaatsen schoten sluipschutters willekeurig op burgers en vanuit de lucht vielen verwoestende vaten gevuld met TNT en staal. Vluchten was uiteindelijk de enige mogelijkheid om te overleven. Russische soldaten stonden te lachen tussen de lichaamsdelen.
Toen wist mijn vader eigenlijk genoeg. Hier konden we niet meer blijven.”

“Dit is van mij toen we nog in Syrië waren en dat is een vriend van me”

Het gezin vlucht van plek naar plek in de hoop binnen Syrië veiligheid te vinden. Maar die veilige plek bestaat niet meer. Mohammed herinnert zich de gevaarlijke doorgangen tussen gebieden in Aleppo. Sluipschutters liggen op de loer en niemand weet wie veilig de overkant bereikt. En boven hun hoofden is voortdurend het gevaar van bombardementen.

‘Het klinkt misschien heel gek, maar als je een bom hoorde vallen, was je ergens opgelucht. Want als je hem hoorde, wist je dat hij niet op jou terechtkwam. De stilte kon veel enger zijn.’

Hij vertelt over vaten gevuld met explosieven en metaal: “Als zoiets ontplofte, vloog alles in het rond. Je wist nooit waar het terechtkwam.”
Het is de werkelijkheid waarin Mohammed als kind leert leven.

Mohammed geeft een lezing voor Vluchtelingwerk Nederland

Via Afrin bracht een mensensmokkelaar hen ’s nachts richting Turkije. Samen met honderden anderen renden ze in doodsangst door de bergen en door een opengeknipt hek. In Turkije waren ze veilig voor de bommen, maar wachtte bittere armoede. Mohammed kon niet naar school en werkte op de markt om de huur te betalen.

Uiteindelijk vlucht het gezin richting Afrin. Via mensensmokkelaars moet de Turkse grens worden bereikt. Mohammed vergeet die nacht nooit meer.

‘We waren met honderden mensen. Het was donker en we moesten door de bergen. Op een gegeven moment was er een gat in het hek gemaakt. Toen moest iedereen rennen. Nadenken was er niet meer bij. Je rent gewoon. Je hebt zoveel adrenaline dat je eigenlijk niet eens meer weet wat je doet.”

Ze halen Turkije. De oorlog is verder weg, maar een normaal leven eveneens.

De familie die in Aleppo een goed bestaan had, begint opnieuw met vrijwel niets.
“We kwamen in een kaal huis terecht. We hadden bijna niks.”
Mohammed kan niet gewoon naar school. Er moet geld worden verdiend om de huur te betalen. Dus gaat hij werken op de markt.

“Als ik nu Nederlandse kinderen zie die naar school gaan, sporten en daarna met vrienden afspreken, denk ik weleens: jullie weten eigenlijk niet hoe bijzonder dat is. Voor mij was zoiets toen helemaal niet vanzelfsprekend.”

‘Wat die twee voor ons hebben gedaan, vergeet ik mijn hele leven niet’

Vier jaar lang leeft het gezin in Turkije. Tot zijn vader besluit dat er voor zijn kinderen een andere toekomst moet komen. Europa.
Na verschillende mislukte pogingen om via Griekenland verder te reizen, lukt het uiteindelijk via Servië en Duitsland Nederland te bereiken. Daar ontstaat de mogelijkheid tot gezinshereniging. En zo krijgt Mohammed te horen dat zijn toekomst in een Nederlands dorp ligt. Een naam die hem op dat moment helemaal niets zegt:

Hengevelde.

Het contrast had nauwelijks groter kunnen zijn. Van het chaotische Aleppo en de drukte van Turkije naar de Eeftinkstraat 13 in Hengevelde. Mohammed arriveert eind maart. Het is koud. Het is donker. En vooral: het is stil.
“Ik keek naar buiten en zag bijna niemand. Ik dacht echt: waar zijn alle mensen? Wonen hier wel mensen?”

Voor iemand die is opgegroeid met volle straten, markten en mensen die veel buiten leven, voelt Hengevelde bijna onwerkelijk. Maar juist in dat stille dorp begint misschien wel het belangrijkste hoofdstuk van zijn nieuwe leven. Want er staan mensen op die het gezin op sleeptouw nemen.

“Mijn opa blijft natuurlijk mijn opa. Maar Dini en Wim hebben ook zo’n plek in mijn hart gekregen”

Twee namen komen tijdens het gesprek met Mohammed telkens terug: Diny en Wim. ”Wat die twee voor ons hebben gedaan, vergeet ik mijn hele leven niet. Ze hielpen het gezin met praktische zaken, maar hun betrokkenheid ging veel verder. Het maakte niet uit wanneer er iets was. Zelfs als we ’s nachts naar het ziekenhuis moesten, waren ze er.”

Voor Mohammed, die zoveel vertrouwde mensen in Syrië heeft moeten achterlaten, krijgen ze een bijzondere plek.

“Mijn opa blijft natuurlijk mijn opa. Maar Diny en Wim hebben ook zo’n plek in mijn hart gekregen. Zo voelt het echt.”

En Dini zorgt voor nóg iets dat achteraf van enorme betekenis blijkt. Ze regelt werk voor Mohammed. Bij de Spar in Hengevelde.

Mohammed is ongeveer dertien jaar oud en spreekt nauwelijks Nederlands wanneer Stefan en Carla Hemel hem een kans geven.
“Dat vind ik nog steeds bijzonder. Ik kon bijna geen Nederlands en toch vertrouwden Stefan en Carla mij. Het supermarktwerk blijkt uiteindelijk een geweldige leerschool. Niet alleen voor het werk zelf. Vooral voor de taal.Klanten stellen vragen. Collega’s praten tegen je. Je moet wel antwoorden. Als je iets niet begrijpt, moet je vragen wat iemand bedoelt.”

Dag na dag wordt zijn Nederlands beter. Daarnaast kijkt Mohammed thuis educatieve filmpjes op YouTube.
“Eigenlijk heb ik heel veel Nederlands geleerd door gewoon te werken en met mensen te praten. Daarom betekent die eerste baan nog altijd veel voor mij. Stefan en Carla hebben mij een kans gegeven op een moment dat ik nog bijna niets kon. Dat vertrouwen vergeet ik nooit.”

Er zit ook een andere kant aan zijn verhaal. Want kansen krijgen en je werkelijk onderdeel voelen van een gemeenschap zijn volgens Mohammed twee verschillende dingen.
“Hengevelde is een mooi dorp. Maar de mensen kennen elkaar vaak al hun hele leven. De groepen bestaan al. Als je van buiten komt, is het moeilijk om daar echt tussen te komen.”

Diploma-uitreiking ROC – mbo niveau 4

Volgens Mohammed heeft dat niet alleen met zijn Syrische achtergrond te maken.
“Volgens mij kan iemand uit een ander Nederlands dorp dat ook ervaren. Je komt ergens binnen waar iedereen elkaar al kent.”

Hij probeert aansluiting te vinden via het voetbal. Op het veld gaat dat prima. Daarbuiten voelt hij soms afstand.
“Dan gingen jongens na het voetbal samen ergens naartoe en werd ik niet gevraagd. Dat doet wel iets met je.”

Ook kleine culturele verschillen worden ineens groot. Mohammed drinkt bijvoorbeeld geen alcohol.

“Natuurlijk kun je meegaan naar een café zonder te drinken. Maar toch voel je dat je anders bent.”

Het raakt aan iets wat Mohammed na jaren in Nederland nog altijd bezighoudt. Hij heeft soms het gevoel dat hij zich méér moet bewijzen dan anderen.
“Dat vind ik misschien wel het moeilijkste. Dat je steeds het gevoel hebt dat je moet laten zien: ik ben een goed mens. Ik werk. Ik doe mijn best. Ik ben niet naar Nederland gekomen om alleen maar geld te krijgen.”

‘Na twaalf jaar geen contact te hebben gehad met mijn neef, heb ik vorig jaar vrij genomen en ben ik hem in Istanbul gaan opzoeken’

Jarenlang probeert hij aansluiting te zoeken. Op een gegeven moment wordt hij daar moe van.
“Ik wil gewoon mezelf kunnen zijn. Niet iedere keer hoeven bewijzen wie ik ben.”

Zijn vriendenkring bestaat tegenwoordig daarom voor een groter deel uit mensen met een buitenlandse achtergrond, onder wie Syriërs en Turken. Het heeft zelfs gevolgen voor zijn taal.
“Mijn Nederlands was vroeger misschien wel beter. Toen sprak ik iedere dag Nederlands. Nu spreek ik met vrienden veel Arabisch of Turks. Tegelijkertijd heeft Nederland mij eigenschappen geleerd die ik zeer waardeer.

“Afspraken nakomen. Op tijd zijn. Regels respecteren. Hard werken. Dat vind ik echt goede dingen van Nederland.”

Jaren later keert Mohammed terug naar Aleppo. Hij wil zijn ouderlijk huis zien. De plek waar hij kind was. Maar het huis bestaat nauwelijks meer. (Zie het filmpje hierboven)
“Eigenlijk stond alleen het beton er nog. Op de muren de namen die soldaten hebben achtergelaten. Het was een vreemde gewaarwording. Je weet nog precies hoe het huis vroeger was. Waar alles stond. Wat je daar deed. En dan sta je ineens tussen alleen maar beton. Syrië voelt vertrouwd. En tegelijkertijd niet meer. Want ik ben zelf ook veranderd. Ik ben natuurlijk Syriër. Maar als ik daar kom, zien mensen ook dat ik uit Europa kom. Ik merk dat er soms andere verwachtingen ontstaan zodra mensen weten dat iemand in Europa woont. Sommige mensen denken meteen dat je heel veel geld hebt. Alsof je een rijdende geldwinkel bent.”

Ook politiek en maatschappelijk voelt Mohammed afstand. Hij heeft sterke herinneringen aan het bewind van Bashar al-Assad en kan moeilijk begrijpen dat Syriërs het voormalige regime blijven verdedigen.

“Mensen hebben tientallen jaren in zo’n systeem geleefd. Angst en propaganda doen iets met mensen.”

Van het dorp van Mohammed is niet veel meer over

Als kind had Mohammed een heel andere verwachting van Europa……….

Hij zag het niet gebeuren zoals hij had gehoopt. Mohammed wijst daarbij op de internationale belangen rond Syrië en de steun die Assad destijds onder andere van Rusland en Iran kreeg. Maar als kind dacht hij helemaal niet aan geopolitiek. Hij wilde gewoon dat de bommen stopten.

Een reisje naar Volendam met Kobato

Mohammed woont tegenwoordig in Hengelo en werkt bij Kobato in Ootmarsum, een bedrijf in metaalcoating. Ook daar merkt hij hoe beeldvorming over Syriërs invloed kan hebben.
“Mijn leidinggevende had eerst vooroordelen over Syrische werknemers. Dat heeft hij later ook eerlijk gezegd. Nu zegt hij dat ik een van zijn beste collega’s ben. Daar ben ik trots op.”

Mohammed doet wat hij inmiddels zijn hele leven heeft moeten doen. Laten zien wat hij kan.  Toch blijft het wrang dat hij het gevoel heeft zichzelf eerst te moeten bewijzen. Tegelijkertijd overheerst wanneer hij terugkijkt op zijn eerste Nederlandse jaren vooral dankbaarheid.
Voor Stefan en Carla.
Voor Diny en Wim.

En voor een klein dorp dat hem na jaren van oorlog en armoede iets gaf wat lang niet vanzelfsprekend was geweest:rust.

Voor iemand die in Hengevelde is geboren, is het nauwelijks een gedachte waard. Je gaat ’s avonds naar bed. De volgende ochtend staat je huis er nog. Je stapt op de fiets. Je gaat naar school. Je gaat werken. Op zondag wordt er gevoetbald. Voor Mohammed is juist die vanzelfsprekendheid bijzonder.

“Mensen hier beseffen soms niet hoe mooi dat is. Dat je ’s avonds gewoon kunt gaan slapen en weet dat je huis er morgenochtend nog staat.”

Misschien is dat wel het grootste verschil tussen het Aleppo van zijn jeugd en het Hengevelde waarin hij terechtkwam. In Syrië was stilte ooit beangstigend. Want stilte kon betekenen dat je niet wist waar de volgende bom zou vallen. In Hengevelde betekende diezelfde stilte ineens iets totaal anders.

Mohammed woont inmiddels niet meer in Hengevelde. Maar het dorp blijft onlosmakelijk verbonden met zijn verhaal.

Aleppo was zijn eerste thuis. Daar liggen zijn jeugd, zijn familiegeschiedenis en herinneringen aan een leven vóór de oorlog. Hengevelde werd het begin van zijn tweede leven. Aan de Eeftinkstraat. Bij Dini en Wim. Achter de kassa bij Stefan en Carla. Op het voetbalveld. En in die merkwaardig stille straten waarvan hij zich bij aankomst afvroeg waar in vredesnaam alle mensen waren gebleven.

‘Deze foto samen met mijn vader in Syrië vorig jaar opgenomen’

“Die gedachte is nooit helemaal verdwenen. Het blijft mijn land. Natuurlijk denk ik daarover na. Maar ik weet ook dat de tijd niet heeft stilgestaan. Syrië veranderde. Nederland veranderde mij. Als ik nu terug zou gaan, ben ik daar ook een buitenstaander”.

En daarmee lijkt de jongen die ooit van Aleppo naar Hengevelde vluchtte uiteindelijk tussen twee werelden terechtgekomen. Niet meer helemaal de jongen die Syrië verliet. Maar ook niet iemand die zijn Syrische verleden achter zich kan of wil laten. Misschien hoeft hij ook niet te kiezen. Want een stukje van Mohammed zal altijd tussen twee plekken blijven bestaan. Tussen het verwoeste ouderlijk huis in Aleppo en de Eeftinkstraat in Hengevelde.

Tussen een plek waar stilte ooit angst betekende en een plek waar hij ontdekte dat stilte óók iets anders kan betekenen:

Dat je veilig bent.