Voor altijd

 

 


De Goede Week van 2013 is een zeldzaam droevige week geworden. Ik nam definitief afscheid van drie goede bekenden. De 45-jarige Corine, een zeer aardige oud-collega bij de krant. De 73-jarige Arnold, een bekende van mij uit Markvelde, die vroeger een tijdlang een bescheiden, maar prima assistent van mijn vader was. En van Harrie ten Dam, mijn vriend sinds jaar en dag, 68 jaar jong. Alle drie hadden ze kanker. Ze deden er alles aan, maar het mocht, zoals bijna altijd, niet baten. Harrie kreeg in 2005 longkanker en genas na de nodige behandelingen. In 2012 was hij echter toch de klos. Uitzaaiingen in zijn hoofd en een paar maanden later overal. Maandagavond de 25ste maart stopte zijn leven.

Harries dood schokte veel mensen, dat merkte ik in die rampzalige week voor Pasen. Soms voelden we ons leeg, soms trok er een regen van emoties door ons gemoed. Dan dacht je aan de toekomst waarin je verder moet leven zonder Harrie. Je kon en kan het je haast niet voorstellen. Hoewel hij voor altijd in onze gedachten blijft, hoewel we zijn spirit, zijn wijsheden en zijn humor nooit zullen vergeten, zal hij nooit meer lijfelijk aanwezig zijn in ons midden. Voor zijn vrouw Marian, voor de beide kinderen en hun gezinnen, voor Paul als broer en voor zijn drie zussen is dit afscheid buitengewoon verdrietig. Ik heb in de afgelopen maanden en die bijzondere week tussen overlijden en afscheidsviering eveneens gemerkt dat het overlijden van Harrie heel veel mensen zeer intens raakte. Dat zegt iets over hem en over de impact die zijn aanwezigheid in allerlei kringen heeft gehad op de mensen met wie hij omging of met wie hij iets ondernam.

Ikzelf was bevriend met hem en ik weet dat Harrie voor veel mensen een echte vriend was. Als iemand die hen dierbaar was, als iemand met wie je kon praten, als iemand met wie je kon lachen, als iemand die het altijd goed met je meende, als iemand waarin je honderd procent vertrouwen had en als iemand waarvan je wat kon leren.


Wij kenden elkaar vanaf de lagere school. Onze ouders kenden elkaar goed en zo kwam van het een het ander. De vriendschap werd hechter toen we de kostscholen achter ons gelaten hadden en we als jonge twintigers het leven tegemoet gingen. Het uitgaansleven, het sportleven en uiteraard ons werkzame leven. Rebellen waren we soms als we in het blad In en Um de Höfte, wat we samen hadden opgericht, onze pennen aanscherpten. Er gebeurde veel in het dorp met het ontstaan van de Zomerfeesten, het sportpark en De Marke. We zaten er met de neus bovenop en gaven graag onze mening, wat ons dan weer niet altijd in dank werd afgenomen. Harrie was meestal de eerste om ons aan te sporen de poot strak te houden.

Zo leefden we verder. Soms spraken we elkaar elke dag en soms wat minder. Ikzelf vertrok op enig moment naar elders. Harrie bouwde met Marian een huis aan de Vorgerstraat, hier in zijn geboorteplaats Hengevelde om van daaruit een loopbaan als architect te creëren. Maar het mooie aan Harrie was ook dat hij zich zeer betrokken voelde bij de gemeenschap waarin hij woonde en werkte. Zo zette hij zich in voor oa het schoolbestuur, voor WVV en in Diepenheim voor de Kunstvereniging. Dat deed hij met de passie die iedereen van hem kent. 

Dat we wat verder uit elkaar woonden, schaadde onze vriendschap verder niet. Uiteraard niet. Die vriendschap is voor altijd, dat weet je en voel je zo aan. Harrie is geen man die een vriendschap laat versloffen of verpieteren, dat zullen familieleden, vrienden en trouwe kennissen van hem ook altijd zo ervaren hebben.

Met de Club 2000, een zestal vrienden, dat af en toe een activiteit opzette, zoals het bevrijdingsmonument bij de kerk, het prentenboek van Hengevelde met talloze oude foto’s of een grote inzamelingsactie voor een nicht die in de sloppenwijken van Sao Paulo werkt, met dat zestal kwamen we sinds een tijdje op de laatste vrijdag van de maand bij elkaar voor een gezamenlijke lunch. Goede Vrijdag waren we voor het eerst met ons vijven. Vijf mannen met vijf verdrietige hoofden en harten die stuk voor stuk iemand heel erg misten.

Harrie is nu uit de tijd. Het is een mooi gezegde, maar tegelijkertijd ook tegenstrijdig. Want hij las dagelijks twee kranten en volgde de actualiteit op de voet. Als er iemand bij de tijd was, was hij het wel. Als je Harrie thuis ontmoette, of op een verjaardag, of als hij op bezoek kwam; als je hem sprak in het café, de kantine of langs de lijn, op vakantie of onderweg, dan duurde het meestal niet lang of je lag met hem in een pittige discussie. Vurig, zoals het een roodharige betaamt, verkocht hij zijn standpunten. Links was hij, socialist tot op het bot. Solidair was hij en volstrekt wars van corruptie of dubbele agenda’s. Politieke correctheid was hem vreemd, want dat was hem te voorzichtig.
Als het al ver na middernacht was, was Harrie nog scherp. Sterker nog, dan werd hij met een pilsje erbij steeds scherper en kon de discussie hoog oplopen. Een jaar of acht geleden zaten we in late zomeravond buiten achter ons huis. We woonden er pas. Een buurman kwam ook even langs en gaf op enig moment zijn mening over een net genomen besluit van de regering. Maar Harrie was het er totaal niet mee eens en ging volledig los. Je had de verbazing op het gezicht van onze nieuwe buurman moeten zien. Met wie was hij nou in hemelsnaam toch in deze discussie terecht gekomen. Zo serieus had hij het ook weer niet bedoeld. Marian maande Harrie tot kalmte, maar dat lukte slechts ten dele.
Iedereen zal zich voorbeelden van de discussiërende Harrie herinneren en zijn vasthoudendheid daarin, zijn eigenzinnigheid. 

De sociaal bewogen Harrie leefde het leven intens. Maar dat niet alleen, vele malen stond daarbij de lach op zijn gezicht. Wat hebben we ook vaak plezier gehad.
Harrie was in zijn gezin en op zijn werk, in de sport of in de wereld van de kunst, tussen zijn vrienden of in de dorpsgemeenschap een ware levenskunstenaar. Hij inspireerde ons, hij hielp ons, hij gaf ons kracht en vertrouwen.
Mijn gezin, onze vrienden en iedereen die met hem in aanraking is geweest, wij allemaal zijn hem zeer dankbaar. Voor altijd. Laat zijn veelzijdige persoonlijkheid een voorbeeld voor ons allen zijn. Zijn creativiteit, zijn vasthoudendheid, zijn inzichten, zijn eerlijkheid en al die andere mooie eigenschappen van hem, geven jullie en ons als zijn vrienden de kracht om door te gaan met het leven. Lijfelijk zal hij niet meer bij ons zijn, maar in ons hoofd en hart nog wel.

Dat geldt ook voor Arnold, een heel ander mens dan Harrie, maar net zo eigenzinnig. En eveneens voor Corine, die zich op de redactie van de krant waar ik vele jaren heb gewerkt, manifesteerde met haar inzet, met haar inzicht en indringende interviews (de laatste was anderhalve maand geleden met niemand minder dan filmster Richard Gere). Deze Goede Week verwerd tot verdrietige, aangrijpende dagen.
Ik zal het drietal nooit vergeten. Of, zoals de dichter Rutger Kopland het zo mooi verwoordde:  Niemand neemt afscheid want je gaat niet weg.


NB Boven een foto van Harrie op het strand van Terschelling (2010)
De zwartwitte foto is genomen in 1971 tijdens de receptie tgv de opening van Sportpark Rupertserve. Harrie was toen voorzitter van het jeugdbestuur van WVV.
Op de onderste foto (uit 2009) feliciteert Harrie de voorzitter van WVV Jan de Witte met het 75-jarige bestaan van de club.