Vooroordelen over asielzoekers: tijd voor nuance en menselijkheid

In het publieke debat over migratie en huisvesting worden vluchtelingen vaak ten onrechte als zondebok aangewezen. Politici buitelen over elkaar heen met harde uitspraken, terwijl de werkelijkheid veel genuanceerder is. Slechts een klein deel van de migranten in Nederland zijn vluchtelingen; mensen die alles achterlieten om te overleven. Achter elk cijfer zit een mens met een verhaal.

Minister Marjolein Faber (Asiel) staat pal achter haar besluit om niet te tekenen voor de lintjes van vrijwilligers in de vluchtelingensector. “Ik ben als minister geen stempelmachine”, zei ze dinsdag.

Ruth Semmekrot, een vrijwilliger van Vluchtelingenwerk Nederland vertelt uit eigen ervaring wat zij dagelijks ziet: geen misbruik van het systeem, maar mensen die niets liever willen dan een nieuw bestaan opbouwen, werken en meedoen. In onderstaande ingezonden tekst zet hij een aantal hardnekkige misverstanden recht.

“Ik ben vrijwilliger bij VluchtelingenWerk Nederland. Ik begeleid twee gezinnen en twee jongeren. Deze mensen zijn gevlucht en niet voor hun plezier, maar om hun leven te redden. Zolang ze de taal nog niet voldoende beheersen, help ik hen met het aanvragen van uitkeringen, toeslagen, inburgering, schoolinschrijvingen en met allerlei vragen die ze hebben.

‘Ze snakken allemaal naar het moment dat ze kunnen gaan werken’

De hulp die ik bied, is overigens niet exclusief voor statushouders. In Nederland heeft iedereen recht op ondersteuning als het zelfstandig (tijdelijk) niet lukt. Daar zijn onze welzijnsorganisaties en de regelingen van gemeenten en de landelijke overheid voor bedoeld. Statushouders hebben geen extra rechten en krijgen geen voorkeursbehandeling.

En dan nog een hardnekkig misverstand: de inrichtingskosten van hun woning moeten ze vrijwel volledig terugbetalen aan de gemeente. Alleen over de rente hoeven ze niets te betalen.

Het beeld dat Geert Wilders schetst, zoals dat van de mevrouw in Noord-Nederland, is ronduit onwaar. Diep triest hoe hij hiermee mensen op het verkeerde been zet.

Wist u dat slechts 15% van alle migranten in Nederland vluchteling is? En dat van die 15% een kwart uiteindelijk terug moet naar het land van herkomst, omdat er geen oorlog of onderdrukking blijkt te zijn?

De overige 85% bestaat uit arbeidsmigranten (voornamelijk uit Oost-Europa), kennismigranten, buitenlandse studenten en Oekraïners. Ook deze mensen hebben in Nederland een woning nodig”.

Hoe onmenselijk is het dan om alle maatschappelijke problemen af te schuiven op slechts 15% van de migranten, de mensen die alles hebben moeten achterlaten en vechten voor hun leven?